Algemeen
Welkom
Kaart
Contact opnemen
De praktijk

Begeleiding
Kinderen
   - Lezen/spelling
   - Taalkennis
   - Rekenen
Volwassenen
Bedrijven
Tarieven

Links
LBRT

Oudervereniging
Balans


Startpagina
Dyslexie


Problemen met taal en woordenschat

Naast specifieke lees- en spellingproblemen is regelmatig ook een samenhang te zien met het niveau van taal in het algemeen en de woordenschat.

Taal

Enkele voorbeelden van zulke veel voorkomende taalproblemen :

  • Het toevoegen of juist weglaten van de –n- bij een bijvoeglijk en/of zelfstandig naamwoord:
    • Ik zie kleinen muizen in plaats van Ik zie kleine muizen.
    • Ik speel graag met honde.. in plaats van Ik speel graag met honden.
  • Het verkeerd vervoegen van een werkwoord:
    • Ik onthoude dat wel in plaats van Ik onthield dat wel.
    • Ik visde gisteren in plaats van Ik viste gisteren.

Woordenschat

Door een goede woordenschat kan een zwakke lezer vaak redelijk een tekst lezen, terwijl hij/zij meer moeite heeft om losse woorden te lezen. Er wordt dan optimaal gebruikt gemaakt van de context. Ook wanneer het lezen te zwak blijft en gezocht moet worden naar compensatiemogelijkheden (ingesproken teksten bijvoorbeeld) ondersteunt een goede woordenschat het begrip van de tekst.

Bij de kinderen in de praktijk is het regelmatig nodig om aan de woordenschat extra aandacht te geven. Kinderen die moeite hebben met lezen, pakken minder snel een boek. Dit is van invloed op de grootte van de woordenschat.

Uiteraard is de woordenschat ook afhankelijjk van andere factoren, zoals de gesproken taal in de omgeving van het kind en de mate waarin voorgelezen wordt. Ook geschikte televisieprogramma’s kunnen een bijdrage leveren.